Benelux
08 sep. 2026
Hoe kunnen burgers gemakkelijker studeren, werken en hun talenten over de grenzen heen inzetten? De Benelux ziet in de automatische niveauerkenning van diploma’s in het hoger onderwijs een belangrijke hefboom om die mobiliteit te versterken en heeft daarom al concrete stappen gezet om deze te bevorderen. Een aanpak die vandaag op steeds meer belangstelling kan rekenen in Europa.
Tijdens een bijeenkomst georganiseerd op de Nederlandse ambassade in Brussel met ambassadeur Brechje Schwachöfer lichtten de leden van het College van de Benelux – secretaris-generaal Ariadne Petridis en adjunct-secretaris-generaal Tom Köller – de Benelux-ervaring toe aan meer dan twintig ambassadeurs en vertegenwoordigers van landen uit de Europese Hoger Onderwijsruimte.
Centraal stond het multilaterale Verdrag betreffende de automatische erkenning van diploma’s in het hoger onderwijs. Het verdrag, dat samen met de Baltische staten werd gesloten, trad in 2024 in werking en maakt het mogelijk om het niveau van diploma’s automatisch te erkennen tussen de deelnemende landen.
Minder administratie, meer kansen voor studenten en werknemers
Voor studenten en werknemers kan automatische diploma-erkenning een belangrijke drempel wegnemen. Wie in een ander Verdragsland wil studeren of werken, hoeft niet telkens opnieuw een erkenningsprocedure te doorlopen of daarvoor kosten te maken.
Dat maakt het eenvoudiger om bijvoorbeeld een opleiding over de grens voort te zetten, een eerste baan in een ander land te zoeken of als gekwalificeerde werknemer mobiel te zijn op de Europese arbeidsmarkt.
Ook voor onderwijsinstellingen en werkgevers biedt een eenvoudiger systeem voordelen. Kwalificaties worden transparanter en het wordt gemakkelijker om talent over de grenzen heen in te zetten.
Van Benelux naar Europa
Na het sluiten van afspraken binnen de Benelux in 2015 en 2018 hebben de drie landen samen met de Baltische staten het multilateraal Verdrag over de automatische erkenning van diploma’s in het hoger onderwijs gesloten
Het verdrag werd bewust opgezet als een open kader, zodat ook andere landen uit de Europese Hoger Onderwijsruimte kunnen aansluiten. Polen en Ierland zullen zich binnenkort bij het verdrag vervoegen.
Elke nieuwe deelnemer vergroot het bereik van de regeling. Zo kan een aanpak die begon binnen de Benelux uitgroeien tot een bredere Europese oplossing voor de mobiliteit van studenten en werknemers.
Benelux als proeftuin
De diploma-erkenning is een voorbeeld van hoe samenwerking tussen drie buurlanden kan leiden tot oplossingen die ook buiten de Benelux toepasbaar zijn.
Al meer dan tachtig jaar werken België, Nederland en Luxemburg samen aan praktische oplossingen voor grensoverschrijdende uitdagingen. Dat gebeurt onder meer op het gebied van veiligheid, economie en duurzaamheid.
De bijeenkomst in Brussel bood de Benelux-landen de gelegenheid om hun ervaringen rechtstreeks te delen met andere Europese landen. De groeiende belangstelling voor automatische diploma-erkenning toont volgens de Benelux aan dat grensoverschrijdende samenwerking niet alleen regionale voordelen kan opleveren, maar ook inspiratie kan bieden voor Europa als geheel.
Benelux-dag
De bijeenkomst vond plaats in het kader van de activiteiten rond Benelux-dag op 5 september 2026. Op die dag zetten België, Nederland en Luxemburg de meerwaarde van hun samenwerking in de kijker.
Van gezamenlijke politieoperaties tot de erkenning van diploma’s: telkens gaat het om hetzelfde principe. Door over grenzen heen samen te werken, kunnen burgers, bedrijven en overheden minder hinder ondervinden van nationale grenzen.
De diploma-erkenning laat daarbij zien hoe een praktische Benelux-oplossing kan doorgroeien tot een instrument met een bredere Europese impact.